Jesaja 49:17
Die u uit uw puinen herbouwen, snellen al toe, Nu uw vernielers zijn weggetrokken.
De Heilige Schrift, Petrus Canisiusvertaling, 1939
In The King James Version
Thy children shall make haste; thy destroyers and they that made thee waste shall go forth of thee.
In Context
16Zie, Ik heb u gegrift in de palm van mijn handen, En uw muren staan Mij steeds voor de geest!
Cross References
Nehemiah 2:4De koning antwoordde mij: Wat zoudt ge dan willen? Ik bad tot den God des hemels,
Isaiah 10:6Tegen een goddeloze natie zond Ik hem uit, Tegen het volk van mijn gramschap riep Ik hem op; Om het leeg te plunderen en buit te maken, Om het te vertrappen als slijk op de straten.
Isaiah 51:13Hoe kunt ge Jahweh, uw Schepper, vergeten, Die de hemelen spande, de aarde grondde; Hoe immerdoor beven voor de woede van den verdrukker, Als bezat hij de macht, om u te vernielen? Waar is toch de woede van uw verdrukker?
Isaiah 51:22Zo spreekt Jahweh, uw Heer, Uw God, die pleit voor zijn volk: Zie, Ik neem weg uit uw hand De kelk der bezwijming; De kelk van mijn gramschap Zult gij langer niet drinken!
Isaiah 62:5Zoals een jongeman zijn meisje trouwt, Zal Hij, die u opbouwt, u huwen; En zoals een bruidegom zich verheugt in zijn bruid, Zal uw God zich verheugen in u.