Jesaja 59:6
Van hun webben kan men geen kleren maken, En zich met hun maaksels niet dekken; Hun daden zijn enkel onheilsdaden, En hun handen plegen geweld.
De Heilige Schrift, Petrus Canisiusvertaling, 1939
In The King James Version
In Context
Cross References
Genesis 6:11De aarde was dan bedorven geworden in de ogen van God, en van ongerechtigheid vol.
Psalms 55:11En de misdaad troont in haar midden; En van haar pleinen wijkt Geweld noch bedrog.
Isaiah 5:7Welnu, de wijngaard van Jahweh der heirscharen Is Israëls huis; De mannen van Juda Zijn bevoorrechte planten. Hij hoopte op recht: en zie, het was onrecht; Betrachten van recht: het was verkrachten van recht.
Isaiah 30:1Wee de weerspannige zonen, is de godsspraak van Jahweh, Die plannen beramen, maar buiten Mij om, Verbonden sluiten, maar tegen mijn geest, Om zonde op zonde te stapelen;
Isaiah 57:12Dan stel Ik thans uw gerechtigheid aan de kaak, Met uw werken daarbij;
Isaiah 64:6Allen zijn wij als onreinen geworden, Heel onze deugd als een doek, door stonden bezoedeld; Als bladeren vallen wij allemaal af, Onze zonden jagen ons voort als de wind.