Jeremia 2:8
Zelfs de priesters vroegen niet meer: Waar is Jahweh toch? Die de wet moesten handhaven, kenden Mij niet, De leiders werden Mij ontrouw. De profeten voorspelden in den naam van den Báal, En liepen machteloze afgoden na.
De Heilige Schrift, Petrus Canisiusvertaling, 1939
In The King James Version
In Context
9Daarom zal Ik u richten, zegt Jahweh, En de kinderen van uw zonen nog straffen.
Cross References
Deuteronomy 33:10Zij leren aan Jakob uw voorschriften, En uw Wet aan Israël. Zij brengen wierookgeur in uw neus, En brandoffers op uw altaar.
1 Samuel 12:21zonder af te wijken naar die nietswaardigheden, die, juist omdat ze niets waard zijn, niet kunnen helpen en redden.
1 Kings 18:29Zo ging de middag voorbij; en nog bleven ze razen tot aan de tijd voor het avondoffer; maar er kwam geen geluid en geen antwoord, geen teken van leven.
Job 35:10Maar men zegt niet: Waar is God, die ons schiep, Die ons visioenen geeft in de nacht,
Isaiah 29:10Want Jahweh heeft over u uitgestort Een geest van verdoving; Hij heeft uw ogen gesloten, profeten, Zieners, uw hoofden gesluierd.
Isaiah 56:9Wilde beesten, komt allen verslinden, Met al de dieren in het woud: