The Bible Software
bible.software › Job › Job 16 › Job 16:3

Job 16:3

Komt er dan nooit een eind aan die bluf, Wat prikkelt u toch, om te praten?

De Heilige Schrift, Petrus Canisiusvertaling, 1939

In The King James Version

Shall vain words have an end? or what emboldeneth thee that thou answerest?

In Context

2Zulke beweringen heb ik nu al meer dan genoeg gehoord; Gij zijt allemaal onuitstaanbare troosters!

4Ik zou juist eender als gij kunnen spreken, Waart gij in mijn plaats; Mooie woorden tegen u kunnen zeggen, Het hoofd over u kunnen schudden;

Read all of Job 16

Cross References

Job 6:26Meent gij, mijn woorden te moeten berispen: Woorden van een wanhopige, die in de wind zijn gesproken?

Job 15:2Antwoordt een wijze met bluf, En blaast hij zich op met oostenwind;

Job 27:12Zie, gij hebt het allen zelf aanschouwd: Waarom zo’n ijdele raad gegeven?

Matthew 22:46Niemand kon Hem antwoord geven; en van die dag af durfde niemand Hem meer ondervragen.

Titus 2:8gezonde, onberispelijke taal, zodat de tegenstander beschaamd mag staan, daar hij van ons geen kwaad kan zeggen.

This Verse In Other Editions

King James VersionBíblia Portuguesa MundialLuther Bibel (Deutsch)Bible Louis Segond (Français)Библия (Русский)新标点和合本성경 (한국어)الكتاب المقدس باللغة العربية، فان دايكBibbia Diodati (Italiano)Kinh Thánh (Tiếng Việt)Biblia Cornilescu (Română)Polish Biblia Gdanska (1881)Statenvertaling (Nederlands)

Study Job 16:3

Matthew HenryJamieson-Fausset-BrownAdam ClarkeJohn WesleyJohn CalvinKeil and DelitzschScofieldFamily Bible NotesGeneva Bible Notes (1599)
← Job 16:2Job 16Job 16:4 →