Job 19:5
Gij mist het recht, een grote mond tegen mij op te zetten, Mijn schande mij te verwijten!
De Heilige Schrift, Petrus Canisiusvertaling, 1939
In The King James Version
If indeed ye will magnify yourselves against me, and plead against me my reproach:
In Context
4Zelfs al had ik mij werkelijk misdragen, Dan raakt het wangedrag mij alleen;
6Erkent toch eindelijk, dat God mij kastijdt, En mij in zijn net heeft verstrikt!
Cross References
1 Samuel 1:6Dan tergde haar mededingster haar met opzet, om haar te prikkelen, dat Jahweh haar schoot had gesloten.
Psalms 35:26Neen, laat ze allen blozen van schaamte, Die zich vrolijk maken over mijn ongeluk; Met smaad en schande worden bedekt, Die een hoge toon tegen mij aanslaan.
Psalms 41:11Hieraan erken ik, dat Gij mij bemint: Als mijn vijand niet over mij juicht,
Isaiah 4:1Zeven vrouwen zullen vechten om één man op die dag, En zeggen: ons eigen brood willen we eten, Onze eigen kleren wel dragen, Als we maar naar u mogen heten: neem de smaad van ons weg!
Zephaniah 2:10Dat zal hun lot zijn, Als loon voor hun trots; Omdat zij hebben gesmaad en gehoond Het volk van Jahweh der heirscharen.
Luke 1:25Dit heeft de Heer voor mij gedaan, toen Hij neerzag, om mijn schande bij de mensen weg te nemen.