Job 22:8
Den man met de vuist moet het land toebehoren, En de gunsteling moet het bewonen;
De Heilige Schrift, Petrus Canisiusvertaling, 1939
In The King James Version
But as for the mighty man, he had the earth; and the honourable man dwelt in it.
In Context
7Den dorstige geeft ge geen water, Den hongerige onthoudt ge zijn brood.
9Maar de weduwen zendt ge zonder iets heen, De armen der wezen slaat ge stuk!
Cross References
Job 13:8Moogt gij partijdig voor Hem zijn, Wanneer gij voor God denkt te pleiten?
Job 31:34Omdat ik de grote menigte vreesde, En bang was voor de verachting der geslachten: Dan moge ik verstommen, en de deur niet meer uitgaan,
Isaiah 3:3Hoofdman, adel en raadsheer, Tovenaar en bezweerder.
Micah 7:3Hun handen deugen enkel voor kwaad. De vorst zuigt uit, de rechter is veil, De grote roept openlijk wat hij wil;