Job 29:14
Rechtschapenheid trok ik aan als een kleed, Mijn gerechtigheid als een mantel en kroon.
De Heilige Schrift, Petrus Canisiusvertaling, 1939
In The King James Version
I put on righteousness, and it clothed me: my judgment was as a robe and a diadem.
In Context
13Dien de ondergang dreigde, zegende mij, Het hart der weduwe vrolijkte ik op;
15Ik was de ogen voor blinden, De voeten voor kreupelen;
Cross References
Job 27:6Ik houd vast aan mijn vroomheid, en geef ze niet op, Mijn hart schaamt zich over geen van mijn dagen!
Psalms 132:9Mogen uw priesters met gerechtigheid worden bekleed, En uw vromen een jubellied zingen!
Isaiah 59:17Hij gordde de gerechtigheid om als een pantser, Zette de helm van het heil op zijn hoofd, Trok de wraak als een wapenrok aan, Sloeg de ijverzucht om als een mantel.
Isaiah 62:3Gij zult een erekroon zijn In de hand van Jahweh, Een koninklijke diadeem In de hand van uw God.
2 Corinthians 6:7Door prediking der waarheid, En goddelijke kracht; Met de wapenen der gerechtigheid In rechterhand en linkerhand;
1 Thessalonians 5:8Maar wij moeten nuchter blijven, want we zijn zonen van de dag; toegerust met het pantser van geloof en van liefde, en met de helm, de hoop op de zaligheid.