Job 31:32
De zwerver behoefde niet buiten te overnachten Voor den reiziger heb ik de deuren geopend.
De Heilige Schrift, Petrus Canisiusvertaling, 1939
In The King James Version
The stranger did not lodge in the street: but I opened my doors to the traveller.
In Context
31Hebben mijn tentgenoten niet gezegd: Wie verzadigt zich niet aan het vlees van zijn vijand?
33Indien ik mijn misdaad voor de mensen bedekt heb, In mijn boezem mijn schuld heb verborgen,
Cross References
Judges 19:15Nu sloegen ze van de weg af, om Giba te bereiken en er te overnachten. Daar aangekomen, zette hij zich op het stadsplein neer; want er was niemand, die hem voor de nacht in zijn huis opnam.
Job 29:16Voor armen was ik een vader, Voor onbekenden onderzocht ik het pleit.
Isaiah 58:7Is dat niet een vasten: Den hongerige uw brood reiken, Arme zwervers in huis opnemen; Den naakte kleden, dien gij ziet, Uw eigen broeder niet verstoten?
Matthew 25:40Dan zal de Koning hun antwoorden: Voorwaar, Ik zeg u: Wat gij voor één van mijn geringste broeders gedaan hebt, dat hebt gij voor Mij gedaan.
Romans 12:13helpt de heiligen in hun noden, legt u op de gastvrijheid toe.
Hebrews 13:2Verwaarloost ook de gastvrijheid niet; want daardoor hebben sommigen, zonder het te weten, engelen geherbergd.