Job 36:29
Wie begrijpt de sprei van de wolken En de gedaante van zijn tent?
De Heilige Schrift, Petrus Canisiusvertaling, 1939
In The King James Version
Also can any understand the spreadings of the clouds, or the noise of his tabernacle?
In Context
28Die de wolken naar beneden doet stromen, En op alle mensen doet storten;
30Zie, Hij spreidt zijn nevel uit over de zee, En houdt haar kolken bedekt.
Cross References
Job 26:14Is dit nog enkel de zoom van zijn wegen Hoe weinig verstaan wij ervan, En wie begrijpt dan de kracht van zijn donder?
Job 37:2Hoort, hoort het bulderen van zijn stem, Het gebrom, dat komt uit zijn mond.
Job 38:9Toen Ik haar de wolken gaf als een kleed, De nevel als haar windsels;
Psalms 18:13En in de hemel donderde Jahweh, Verhief de Allerhoogste zijn stem;
Psalms 77:16De wateren zagen U, o God, De wateren zagen U en beefden, Zelfs de zeeën begonnen te rillen;
Psalms 104:3En legt op de wateren uw opperzalen. Gij maakt van de wolken uw wagen, Zweeft op de vleugels van de wind;