The Bible Software
bible.software › Job › Job 36 › Job 36:8

Job 36:8

Maar worden zij in boeien geklonken, In koorden van ellende gevangen,

De Heilige Schrift, Petrus Canisiusvertaling, 1939

In The King James Version

And if they be bound in fetters, and be holden in cords of affliction;

In Context

7Van de rechtvaardigen wendt Hij zijn ogen niet af; Hij zet ze bij koningen op de troon, Hoog plaatst Hij hun zetel voor eeuwig!

9Dan brengt Hij hun daardoor hun gedrag onder het oog, En hun zonden uit hoogmoed ontstaan;

Read all of Job 36

Cross References

Job 19:6Erkent toch eindelijk, dat God mij kastijdt, En mij in zijn net heeft verstrikt!

Psalms 18:5De strikken van het dodenrijk hielden mij vast, De klemmen van de dood lagen voor mij gereed:

Psalms 116:3En de strikken des doods mij omknelden; Toen doodsangst mij kwelde, Nood en jammer mij troffen.

Lamentations 3:9Hij versperde mijn wegen met stenen, Vernielde mijn paden.

This Verse In Other Editions

King James VersionBíblia Portuguesa MundialLuther Bibel (Deutsch)Bible Louis Segond (Français)Библия (Русский)新标点和合本성경 (한국어)الكتاب المقدس باللغة العربية، فان دايكBibbia Diodati (Italiano)Kinh Thánh (Tiếng Việt)Biblia Cornilescu (Română)Polish Biblia Gdanska (1881)Statenvertaling (Nederlands)

Study Job 36:8

Matthew HenryJamieson-Fausset-BrownAdam ClarkeJohn WesleyJohn CalvinKeil and DelitzschScofieldFamily Bible NotesGeneva Bible Notes (1599)
← Job 36:7Job 36Job 36:9 →