Job 38:28
Heeft de regen een vader, Of wie heeft de druppels van de dauw verwekt;
De Heilige Schrift, Petrus Canisiusvertaling, 1939
In The King James Version
Hath the rain a father? or who hath begotten the drops of dew?
In Context
27Om woestijn en wildernis te verzadigen, Uit de dorre grond het gras te doen spruiten?
29Uit wiens schoot is het ijs te voorschijn gekomen, Wie heeft het rijp in de lucht gebaard?
Cross References
Genesis 27:39Toen sprak zijn vader Isaäk tot hem: Zie, ver van het vette der aarde zult ge wonen, Ver van de hemeldauw uit den hogen,
Deuteronomy 33:28Zo woonde Israël zonder zorg, Jakobs bron in veiligheid, In een land van koren en most, Waarop zijn hemel dauw laat druppelen.
2 Samuel 1:21Geen dauw en geen regen, bergen van Gilbóa, Dale op uw velden, o bergen des doods; Want daar ligt het schild der helden verroest, Het schild van Saul niet met olie gewreven!
Job 5:9Hij, die grootse en ondoorgrondelijke dingen wrocht En ontelbare wonderen;
Job 38:8Wie heeft de zee achter deuren gesloten, Toen zij bruisend uit de moederschoot kwam;
Psalms 147:8Die de hemel met wolken bedekt, En de regen bereidt voor de aarde. Die op de bergen gras doet ontspruiten, En groen voor de beesten, die den mens moeten dienen;