Job 4:6
Was dan uw vroomheid niet uw hoop, Uw onberispelijke wandel niet uw vertrouwen?
De Heilige Schrift, Petrus Canisiusvertaling, 1939
In The King James Version
Is not this thy fear, thy confidence, thy hope, and the uprightness of thy ways?
In Context
5Maar nu het ú overkomt, nu zijt ge verslagen, Nu het ú treft, verbijsterd!
7Denk eens na: wie kwam ooit onschuldig om, Of waar ter wereld werden rechtvaardigen verdelgd?
Cross References
Job 1:1Er was eens een man in het land van Oes, Job geheten. Deze man was onberispelijk en rechtschapen; hij vreesde God en schuwde het kwaad.
Job 13:15Wil Hij me doden, ik wacht Hem af; Maar ik verdedig mijn wandel voor Hem!
Job 17:15Waar is mijn hoop, Mijn geluk, wie kan het ontdekken:
Job 27:5Ik denk er niet aan, u gelijk te geven, Tot mijn laatste snik houd ik mijn onschuld vol;
Job 31:1Toch had ik een verbond met mijn ogen gesloten, Om niet te kijken naar een maagd.
Proverbs 3:26Want Jahweh zal zijn op al uw wegen, Uw voet behoeden voor de strik.