The Bible Software
bible.software › Job › Job 7 › Job 7:11

Job 7:11

En daarom zal ik mijn mond niet snoeren, Maar spreken in de benauwdheid van mijn geest, En klagen in de bitterheid van mijn ziel: Gij dwingt mij er toe!

De Heilige Schrift, Petrus Canisiusvertaling, 1939

In The King James Version

Therefore I will not refrain my mouth; I will speak in the anguish of my spirit; I will complain in the bitterness of my soul.

In Context

10Hij keert naar zijn huis niet meer terug, En zijn eigen woonplaats kent hem niet langer!

12Ik ben toch geen zee, of geen monster der zee Dat gij mij een slot oplegt!

Read all of Job 7

Cross References

Genesis 42:21Maar ze zeiden toch onder elkander: Waarachtig, we hebben het aan onzen broer verdiend. Wij hebben zijn doodsangst gezien, maar niet naar hem willen luisteren, toen hij ons om genade smeekte. Daarom komt deze ramp over ons.

2 Kings 4:27Maar toen ze bij den godsman op de berg was gekomen, omklemde ze zijn voeten. Gechazi trachtte haar weg te duwen, maar de godsman sprak: Laat haar begaan, want ze is diep bedroefd; Jahweh houdt het voor mij verborgen, en heeft het mij niet geopenbaard.

Job 10:1Ik walg nu toch van het leven, En laat dus de vrije loop aan mijn klagen; Ik spreek in de bitterheid van mijn ziel,

Job 13:13Zwijgt derhalve, en laat mij spreken; Laat er van komen wat wil!

Job 21:3Laat mij uitspreken op mijn beurt, Wanneer ik klaar ben, kunt ge spotten!

Job 23:2Al weer heet mijn klagen verzet: Maar zijn hand dwingt mij tot zuchten!

This Verse In Other Editions

King James VersionBíblia Portuguesa MundialLuther Bibel (Deutsch)Bible Louis Segond (Français)Библия (Русский)新标点和合本성경 (한국어)الكتاب المقدس باللغة العربية، فان دايكBibbia Diodati (Italiano)Kinh Thánh (Tiếng Việt)Biblia Cornilescu (Română)Polish Biblia Gdanska (1881)Statenvertaling (Nederlands)

Study Job 7:11

Matthew HenryJamieson-Fausset-BrownAdam ClarkeJohn WesleyJohn CalvinKeil and DelitzschScofieldFamily Bible NotesGeneva Bible Notes (1599)
← Job 7:10Job 7Job 7:12 →