Johannes 1:24
De afgevaardigden nu behoorden tot de farizeën;
De Heilige Schrift, Petrus Canisiusvertaling, 1939
In The King James Version
And they which were sent were of the Pharisees.
In Context
Cross References
Matthew 23:13Wee u, schriftgeleerden en farizeën; gij huichelaars, die het rijk der hemelen sluit voor de mensen. Want gij gaat er zelf niet in; en hen die er in willen, laat gij niet binnengaan.
Luke 7:30Maar de farizeën en de wetgeleerden hebben Gods raadsbesluit over zichzelf verijdeld, door zijn doopsel niet te ontvangen.
Luke 11:53Toen Hij hun dit gezegd had, begonnen de schriftgeleerden en farizeën Hem heftig aan te vallen, en Hem allerlei strikvragen te stellen;
John 3:1Nu was er onder de farizeën een man, Nikodemus genaamd, een overste der Joden.
Acts 23:8Want de sadduceën zeggen, dat er geen verrijzenis bestaat ook geen engelen of geesten; maar de farizeën nemen die beide punten aan.
Philippians 3:5Op de achtste dag ben ik besneden; ik ben uit Israëls geslacht, uit de stam van Bénjamin, Hebreër uit de Hebreën; wat de Wet betreft een Farizeër,