Jona 1:14
Toen riepen ze Jahweh aan, en zeiden: Ach Jahweh! Laat ons toch niet vergaan om het leven van dezen man; wreek op ons geen onschuldig bloed. Want Gij, Jahweh, hebt zelf gedaan, wat U behaagt!
De Heilige Schrift, Petrus Canisiusvertaling, 1939
In The King James Version
In Context
15Toen namen ze Jonas op, en wierpen hem in zee; en aanstonds kwam de zee tot bedaren.
Cross References
Genesis 9:6Wie het bloed van een mens vergiet, Diens bloed zal door mensen worden vergoten; Want als zijn beeld heeft God den mens gemaakt.
Psalms 107:28Maar ze riepen Jahweh aan in hun nood, En Hij verloste hen van hun angsten:
Psalms 135:6Jahweh doet wat Hij wil In hemel en aarde, in zeeën en diepten.
Jonah 1:16De bemanning werd van grote vrees voor Jahweh vervuld; men bracht Jahweh een offer, en deed Hem geloften.
Acts 28:4Toen de inlanders het dier aan zijn hand zagen hangen, zeiden ze tot elkander: Die man is zeker een moordenaar; want zelfs na zijn redding uit zee, laat de Gerechtigheid hem niet in leven.