bible.software › Richtere › Richtere 2 › Richtere 2:6
Richtere 2:6
Nadat Josuë het volk had laten gaan, trokken de Israëlieten, elk naar zijn erfdeel, om het land in bezit te nemen.
De Heilige Schrift, Petrus Canisiusvertaling, 1939
In The King James Version
And when Joshua had let the people go, the children of Israel went every man unto his inheritance to possess the land.
In Context
5daarom noemde men die plaats Bokim. En men bracht Jahweh daar een offer.
7En het volk diende Jahweh, zolang Josuë leefde, en de oudsten er nog waren, die Josuë overleefden, en die getuige waren geweest van al het grootse, dat Jahweh voor Israël had gewrocht.
Read all of Richtere 2
Cross References
Joshua 22:6Daarop zegende Josuë hen, en liet hen gaan. En ze gingen naar hun tenten terug.
This Verse In Other Editions
Study Richtere 2:6