Richtere 21:25
In die tijd was er geen koning in Israël, zodat iedereen deed, wat hem goeddacht.
De Heilige Schrift, Petrus Canisiusvertaling, 1939
In The King James Version
In those days there was no king in Israel: every man did that which was right in his own eyes.
In Context
Cross References
Judges 17:6In die dagen was er geen koning in Israël, zodat ieder maar deed, wat hem goeddacht.
Judges 18:7De vijf mannen gingen dus verder, en kwamen te Láisj. Ze zagen, dat de mensen, die er woonden, onbekommerd leefden naar de zeden der Sidoniërs, rustig en onbezorgd. Er was aan niets gebrek in dat land, en het had rijke bronnen van bestaan. Ook waren ze ver verwijderd van de Sidoniërs, en onderhielden geen betrekkingen met Aram.
Psalms 12:4“Met onze tong zijn we sterk! We hebben onze lippen; wie kan ons aan!”
Proverbs 14:12Soms houdt iemand een weg voor de rechte, Die tenslotte uitloopt op de dood.
Isaiah 53:6Als schapen doolden wij allen rond, En ieder van ons ging zijns weegs; Maar Jahweh laat Hem ontmoeten Ons aller schuld.
Micah 2:1Wee hun, die op slechtheid zinnen, En op hun legerstede boosheid beramen: Om het in de morgenstond ten uitvoer te brengen, Wanneer ze er de macht toe bezitten.