Richtere 5:1
Toen zongen Debora en Barak, de zoon van Abinóam:
De Heilige Schrift, Petrus Canisiusvertaling, 1939
In The King James Version
Then sang Deborah and Barak the son of Abinoam on that day, saying,
In Context
2Toen men in Israël de haren liet groeien, Jahweh’s volk zich aanbood ten strijd,
Cross References
Exodus 15:1Toen zongen Moses en Israëls kinderen dit lied ter ere van Jahweh: Laat ons zingen voor Jahweh, Want hoog is Hij verheven; Paard en ruiter wierp Hij in zee!
Numbers 21:17en waar Israël toen dit lied heeft gezongen: Wel op, gij put! Zingt hem ter eer,
1 Samuel 2:1Toen begon Channa te bidden: Mijn hart springt op om Jahweh, Mijn hoorn verheft zich om mijn God! Ik kan mijn vijanden te woord staan, Daar ik mij verblijd in uw hulp.
2 Chronicles 20:21Toen overlegde hij met het volk, en bepaalde, dat de zangers van Jahweh en de muzikanten in de heilige feestgewaden voor de soldaten uit moesten gaan en zingen: “Looft Jahweh; want eeuwig duurt zijn barmhartigheid!”
Job 38:7Onder het gejuich van het koor der morgensterren, Het jubelen van de zonen Gods?
Isaiah 12:1Op die dag zult ge zeggen: Jahweh, ik dank u! Gij waart verbolgen op mij; Maar uw toorn is voorbij, Gij beurt mij weer op.