Klaagliederen 3:46
Nu sperren allen de mond tegen ons op, Die onze vijanden zijn;
De Heilige Schrift, Petrus Canisiusvertaling, 1939
In The King James Version
All our enemies have opened their mouths against us.
In Context
45Tot vuil en uitschot ons gemaakt Te midden der volken.
47Nu liggen wij in schrik en strik, Verwoesting, vernieling;
Cross References
Exodus 11:7Maar geen hond zal er tegen een van Israëls kinderen blaffen, tegen mens noch dier; opdat gij moogt weten, dat Jahweh onderscheid maakt tussen Egypte en Israël.
Psalms 22:6Doch ik ben maar een worm en geen mens, Door de wereld bespot, veracht door het volk;
Psalms 44:13Gij maakt ons tot smaad onzer buren, Tot spot en hoon voor die ons omringen;
Psalms 79:10Waarom zouden de heidenen zeggen: “Waar is nu hun God?” Neen, laat de heidenen voor onze ogen de wraak ondergaan Voor het vergoten bloed van uw dienaars;
Matthew 27:38Tegelijk met Hem werden twee rovers gekruisigd; één aan de rechterhand, en één aan de linker.