Leviticus 11:9
Van alles wat in het water leeft, moogt ge het volgende eten: alles wat in het water leeft, in zeeën of rivieren, en vinnen en schubben heeft, moogt ge eten.
De Heilige Schrift, Petrus Canisiusvertaling, 1939
In The King James Version
In Context
8Van hun vlees moogt ge niet eten, en hun krengen niet aanraken; zij zijn voor u onrein.
Cross References
Deuteronomy 14:9Van al wat in het water leeft, moogt ge alles eten, wat vinnen en schubben heeft.
Galatians 5:6want in Christus Jesus is besnijdenis noch onbesnedenheid van waarde, maar wel het geloof, dat werkt door de liefde.
1 John 5:2hieraan erkennen we, dat we de kinderen Gods beminnen. Wanneer we God liefhebben, dan onderhouden we ook zijn geboden;