Leviticus 16:10
Den bok, waarop het lot voor Azazel valt, moet hij levend voor het aanschijn van Jahweh plaatsen, om de verzoeningsplechtigheid aan hem te verrichten, en hem dan de woestijn in te jagen naar Azazel.
De Heilige Schrift, Petrus Canisiusvertaling, 1939
In The King James Version
In Context
9Den bok, waarop het lot voor Jahweh valt, moet hij vóór laten brengen en als zondeoffer opdragen.
Cross References
Leviticus 14:7Hiermee moet hij zeven maal hem besprenkelen, die van de melaatsheid gereinigd moet worden. Zo reinigt hij hem. Daarna moet hij de levende vogel in het vrije veld loslaten.
Isaiah 53:4En toch, Hij draagt ònze kwalen, En torst ònze smarten; Maar wij beschouwen Hem als een melaatse, Geslagen, vernederd door Gòd.
Romans 4:25die overgeleverd werd om onze ongerechtigheden, en opgewekt om onze rechtvaardiging.
Hebrews 7:26Ons voegt ook een Hogepriester, die heilig is, onschuldig, onbezoedeld, verwijderd van de zondaars en verheven boven de hemelen;
1 John 2:2Hij is een verzoening voor onze zonden; en niet voor de onze alleen, maar ook voor die van heel de wereld.