Leviticus 16:8
en over de beide bokken het lot werpen: één lot voor Jahweh, één lot voor Azazel.
De Heilige Schrift, Petrus Canisiusvertaling, 1939
In The King James Version
In Context
9Den bok, waarop het lot voor Jahweh valt, moet hij vóór laten brengen en als zondeoffer opdragen.
Cross References
Numbers 26:55Maar het land moet door het lot worden verdeeld, hoewel de voorvaderlijke stammen hun erfdeel zullen ontvangen naar het aantal personen;
Joshua 18:10Toen wierp Josuë te Sjilo voor hen het lot voor het aanschijn van Jahweh, en verdeelde daar het land onder de groepen der Israëlieten.
Proverbs 16:33Wel wordt het lot in de schoot geworpen Maar wat het uitwijst, komt van Jahweh.
Jonah 1:7Later zeiden ze tot elkander: Laat ons loten, om uit te maken, door wiens schuld dit onheil ons treft. Ze wierpen dus het lot; en het lot viel op Jonas.