Leviticus 21:1
Jahweh sprak tot Moses: Beveel de priesters, de zonen van Aäron, en zeg hun: Niemand van hen mag zich aan een dode van zijn familie verontreinigen,
De Heilige Schrift, Petrus Canisiusvertaling, 1939
In The King James Version
In Context
2behalve aan zijn naaste verwanten, aan zijn moeder, vader, zoon, dochter en broer.
Cross References
Leviticus 10:6Tot Aäron en zijn zonen Elazar en Itamar zei Moses: Bindt uw haren niet los en scheurt uw klederen niet; anders sterft gij, en barst zijn toorn los tegen heel de gemeenschap. Uw broeders, het hele huis van Israël, mogen de brand bewenen, die Jahweh ontstak;
Leviticus 21:11Hij mag bij geen dode komen, en zich zelfs aan zijn vader of moeder niet verontreinigen.
Numbers 19:14Ook dit is wet: Wanneer een mens in een tent sterft, zal iedereen, die de tent binnentreedt, en alles wat in de tent is, zeven dagen lang onrein zijn;
Ezekiel 44:25Ze mogen niet bij een mensenlijk komen, anders verontreinigen zij zich; enkel aan het lijk van vader of moeder, zoon of dochter, broeder of ongehuwde zuster mogen ze zich verontreinigen.
Malachi 2:1Daarom priesters, geldt voor u dit besluit: