Leviticus 26:11
Dan zal Ik mijn woning onder u opslaan, u nimmer verwerpen,
De Heilige Schrift, Petrus Canisiusvertaling, 1939
In The King James Version
And I will set my tabernacle among you: and my soul shall not abhor you.
In Context
10Ge zult nog graan van de oude oogst kunnen eten, en het oude voor het nieuwe weg moeten doen.
12en vertrouwelijk met u omgaan. Ik zal uw God, en gij zult mijn volk zijn.
Cross References
Exodus 25:8Want ge moet voor Mij een heiligdom maken, opdat Ik in hun midden kan wonen.
Leviticus 20:23Leeft niet naar de zeden van de volken, die Ik voor u zal verjagen. Want omdat zij dit alles hebben gedaan, heb Ik een afschuw van hen gekregen,
Joshua 22:19Als ge denkt, dat uw erfdeel onrein is, komt dan over naar het erfdeel van Jahweh, waar zijn tabernakel staat, en vestigt u onder ons; maar staat niet op tegen Jahweh, en evenmin tegen ons, door u een altaar te bouwen naast het altaar van Jahweh, onzen God.
1 Kings 8:13Zo kon ik het wagen, U een tempel te bouwen. Een huis, waar Gij eeuwig zult wonen! (Het staat in het Liederenboek.)
Psalms 76:2Zijn tent staat in Sjalem, Zijn woning op Sion:
Psalms 78:68Neen, Juda’s stam koos Hij uit, Sions berg, die Hij liefhad;