Lukas 10:36
Wat dunkt u; wie van de drie is de naaste geweest van hem, die in de handen der rovers viel?
De Heilige Schrift, Petrus Canisiusvertaling, 1939
In The King James Version
Which now of these three, thinkest thou, was neighbour unto him that fell among the thieves?
In Context
37Hij sprak: Hij, die hem barmhartigheid bewees. En Jesus zeide hem: Ga, en doe gij evenzo.
Cross References
Matthew 21:28Wat dunkt u? Iemand had twee zonen. Hij ging naar den eerste en sprak: Mijn zoon, ga vandaag in mijn wijngaard werken.
Luke 7:42Daar ze niet konden betalen, schold hij het beiden kwijt. Wie van de twee zal nu het meest van hem houden?