Lukas 19:27
En wat mijn vijanden aangaat, die me niet tot koning over zich wilden, brengt ze hier, en steekt ze voor mijn ogen neer.
De Heilige Schrift, Petrus Canisiusvertaling, 1939
In The King James Version
In Context
28Na deze woorden ging Hij voorop, en trok naar Jerusalem.
Cross References
Numbers 14:36De mannen nu, die Moses had uitgezonden, om het land te verkennen, en die bij hun terugkeer heel de gemeenschap tegen Hem hadden doen morren, door praatjes over dat land te vertellen,
2 Samuel 23:7En niemand grijpt ze vast, Tenzij met ijzer en hout, Om ze tenslotte in de vlammen te werpen.
Psalms 2:9Gij moogt ze vermorzelen met ijzeren knots, En stuk slaan als een aarden pot.
Psalms 69:22Hun tafel worde hun tot een val, Hun offergelagen een strik;
Isaiah 66:6Hoort, geraas uit de stad, gerommel uit de tempel: Het is de donder van Jahweh, Die wraak op zijn vijanden neemt!
Nahum 1:2Een naijverig God, een wreker is Jahweh, Een wreker is Jahweh, vol gramschap; Jahweh wreekt zich op die Hem weerstaat, Is onverbiddelijk voor zijn vijanden.