Lukas 6:29
Wie u op de ene wang slaat, keer hem ook de andere toe; en wie u van de mantel berooft, weiger hem ook het onderkleed niet.
De Heilige Schrift, Petrus Canisiusvertaling, 1939
In The King James Version
In Context
28zegent die u vloeken; bidt voor wie u lasteren.
30Geef aan ieder die iets van u vraagt, en eis het uwe niet terug van hem, die het neemt.
Cross References
2 Chronicles 18:23Maar nu trad Sidki-jáhoe, de zoon van Kenaäna, vooruit, gaf Mikájehoe een slag in het gezicht, en zeide: Wat; zou de geest van Jahweh mij hebben verlaten, om te spreken tot u?
Lamentations 3:30Zijn wangen bieden aan hem, die hem slaat, Verzadigd worden met smaad.
Matthew 5:39Maar Ik zeg u, geen weerstand te bieden aan het onrecht. Als iemand u op de rechterwang slaat, keer hem ook de andere toe.
Matthew 26:67Toen spuwden ze Hem in het gelaat, en gaven Hem vuistslagen; anderen sloegen Hem in het aangezicht,
John 18:22Bij deze woorden gaf een der trawanten, die bij Jesus had post gevat, Hem een kaakslag, en zeide: Antwoordt Gij den hogepriester zó?
1 Corinthians 4:11Tot op dit uur lijden we honger, dorst en naaktheid; we worden mishandeld, we zwerven rond;