Mattheüs 22:32
“Ik ben de God van Abraham, de God van Isaäk, de God van Jakob?” Hij is toch geen God van doden, maar van levenden.
De Heilige Schrift, Petrus Canisiusvertaling, 1939
In The King James Version
In Context
31En wat de verrijzenis der doden betreft, hebt gij niet gelezen, wat God u gezegd heeft:
33Toen het volk dit hoorde, stond het verbaasd over zijn leer.
Cross References
Exodus 3:15En God sprak verder tot Moses: Dit moet gij aan Israëls kinderen zeggen: “Jahweh, de God uwer vaderen, de God van Abraham, de God van Isaäk en de God van Jakob zendt mij tot u!” Dit is voor eeuwig mijn Naam; zo zal Ik heten van geslacht tot geslacht.
Luke 20:37En dat de doden verrijzen, gaf ook Moses te kennen in het Braambosverhaal, wanneer hij den Heer den God van Abraham, den God van Isaäk en den God van Jakob noemt.
Hebrews 11:16maar feitelijk hebben ze naar een beter gesmacht, naar het hemelse. Daarom schaamt God Zich niet, hun God te worden genoemd; want Hij heeft voor hen een stad bereid.