Mattheüs 26:11
Want de armen hebt gij altijd bij u; Mij niet.
De Heilige Schrift, Petrus Canisiusvertaling, 1939
In The King James Version
For ye have the poor always with you; but me ye have not always.
In Context
12Toen ze die balsem uitgoot over mijn lichaam, deed ze dat voor mijn begrafenis.
Cross References
Matthew 18:20Want waar twee of drie vergaderd zijn in mijn Naam, daar ben Ik in hun midden.
Matthew 25:42Want Ik was hongerig, en gij hebt Mij niet te eten gegeven; dorstig, en gij hebt Mij niet te drinken gegeven.
Mark 14:7Want de armen hebt gij altijd bij u, en gij kunt hun goed doen, wanneer gij wilt; Mij niet.
John 13:33Kindertjes, nog slechts een korte tijd ben Ik bij u. Gij zult Mij zoeken, en zoals Ik tot de Joden gezegd heb, zo zeg Ik het thans ook tot u: Waarheen Ik ga, kunt gij niet komen.
John 16:5Nu ga Ik tot Hem, die Mij gezonden heeft; en toch stelt niemand van u Mij de vraag: Waar gaat Gij heen?
John 17:11Voortaan ben Ik niet meer in de wereld; maar zij blijven in de wereld, terwijl Ik tot U kom. Heilige Vader, bewaar hen in uw naam, die Gij Mij hebt gegeven; opdat ze één mogen zijn, zoals Wij.