Mattheüs 7:6
Geeft het heilige niet aan de honden, en werpt uw paarlen niet voor de zwijnen, opdat zij ze niet met de poten vertrappen, zich omkeren, en u gaan verscheuren.
De Heilige Schrift, Petrus Canisiusvertaling, 1939
In The King James Version
In Context
7Vraagt en men zal u geven; zoekt en ge zult vinden; klopt en men zal u opendoen.
Cross References
Proverbs 11:22Een gouden ring in een varkenssnuit, Is een knappe vrouw, die geen hersens heeft.
Proverbs 26:11Als een hond, die naar zijn braaksel terugkeert, Is een dwaas, die zijn dwaasheid herhaalt.
Matthew 15:26Hij gaf haar ten antwoord: Het is niet goed, het brood der kinderen te nemen, en het voor de hondjes te werpen.
Matthew 24:10Dan zullen velen zich ergeren, elkander verraden en haten.
2 Corinthians 11:26Op zwerftochten menigmaal, in gevaren van rivieren, gevaren van rovers, gevaren van eigen volk, gevaren van heidenen, gevaren in de stad, gevaren in de woestijn, gevaren op zee, gevaren onder valse broeders.
2 Timothy 4:14Alexander, de edelsmid, heeft me veel kwaad gedaan; de Heer zal hem vergelden naar werken;