Spreuken 1:10
Mijn zoon, als zondaars u willen verleiden, stem niet toe,
De Heilige Schrift, Petrus Canisiusvertaling, 1939
In The King James Version
My son, if sinners entice thee, consent thou not.
In Context
9Want het siert uw hoofd als een krans, Uw hals als een snoer.
11Als ze u zeggen: Ga met ons mee, Laat ons loeren op bloed, Laat ons zo maar onschuldigen belagen,
Cross References
Genesis 37:20Vooruit nu, laten we hem vermoorden, in een van de putten gooien, en zeggen, dat een wild beest hem heeft verslonden; dan zullen we eens zien, wat er van zijn dromen terecht komt.
Deuteronomy 13:8dan moogt ge daarin niet toestemmen en niet naar hem luisteren. Ge moogt geen medelijden met hem hebben, hem niet sparen, en zijn schuld niet verzwijgen;
Psalms 1:1Gelukkig de man, Die de raad der goddelozen niet volgt, Niet de weg der zondaars betreedt, Niet neerzit in de kring van de spotters;
Proverbs 7:21Door haar radde taal verleidde ze hem, Met haar gladde tong troonde ze hem mee.
Proverbs 16:29Een booswicht tracht zijn naaste te verleiden, En hem te brengen op een weg, die niet deugt.
Proverbs 24:2Want wat zij willen is geweld, Wat zij bespreken, is onheil.