The Bible Software
bible.software › Spreuken › Spreuken 11 › Spreuken 11:26

Spreuken 11:26

Wie het koren inhoudt, wordt door het volk verwenst, Maar een zegenbede daalt op het hoofd van wie het verkoopt.

De Heilige Schrift, Petrus Canisiusvertaling, 1939

In The King James Version

He that withholdeth corn, the people shall curse him: but blessing shall be upon the head of him that selleth it.

In Context

25Iemand, die weldoet, wordt welgedaan; En wie iemand te drinken geeft, zal worden gelaafd.

27Wie naar het goede streeft, vindt welbehagen; Wie het kwaad najaagt, hem zal het treffen.

Read all of Spreuken 11

Cross References

Genesis 47:14Nu kreeg Josef al het geld in handen, dat in Egypte en Kanaän werd gevonden, in ruil voor het koren, dat men kocht; en al het geld stortte Josef in de schatkist van Farao.

Proverbs 10:6Zegen rust op het hoofd van den rechtvaardige, Maar geweld zal het gezicht der bozen bedekken

Proverbs 28:27Wie aan een arme geeft, krijgt geen gebrek; Wie zijn ogen voor hem sluit, wordt diep vervloekt.

This Verse In Other Editions

King James VersionBíblia Portuguesa MundialLuther Bibel (Deutsch)Bible Louis Segond (Français)Библия (Русский)新标点和合本성경 (한국어)الكتاب المقدس باللغة العربية، فان دايكBibbia Diodati (Italiano)Kinh Thánh (Tiếng Việt)Biblia Cornilescu (Română)Polish Biblia Gdanska (1881)Statenvertaling (Nederlands)

Study Spreuken 11:26

Matthew HenryJamieson-Fausset-BrownAdam ClarkeJohn WesleyJohn CalvinKeil and DelitzschScofieldFamily Bible NotesGeneva Bible Notes (1599)
← Spreuken 11:25Spreuken 11Spreuken 11:27 →