Spreuken 30:4
Wie steeg ten hemel op, en daalde weer neer; Wie ving de wind in zijn holle hand; Wie bond het water in zijn mantel; Wie stelde de grenzen der aarde vast? Hoe is zijn naam, hoe de naam van zijn zoon? Zeg het mij, wanneer ge het weet.
De Heilige Schrift, Petrus Canisiusvertaling, 1939
In The King James Version
In Context
3Maar God heeft mij wijsheid geleerd Nu bezit ik kennis van den Heilige!
5Elk woord van God is vertrouwd; Hij is een schild, voor wie op Hem bouwen.
Cross References
Genesis 32:29Nu vroeg Jakob: Zeg mij uw naam! Hij sprak: Hoe vraagt ge nog naar mijn naam. Toen gaf hij hem daar zijn zegen.
Exodus 6:3Als de almachtige God ben Ik aan Abraham, Isaäk en Jakob verschenen; maar mijn naam Jahweh heb ik hun niet bekend gemaakt.
Deuteronomy 28:58Wanneer ge dus al de woorden van deze Wet, die in dit boek zijn beschreven, niet nauwgezet onderhoudt, en deze heerlijke en ontzaglijke Naam van Jahweh, uw God, niet vreest,
Judges 13:18Doch de engel van Jahweh antwoordde: Wat vraagt ge naar mijn naam? Die is onbegrijpelijk.
Job 11:8Zij is hoger nog dan de hemelen: Wat kunt ge beginnen; Dieper nog dan de onderwereld: Wat kunt ge begrijpen;
Job 38:4Waar waart ge, toen Ik de aarde grondde: Vertel het, zo ge er iets van weet!