Spreuken 8:29
Toen Hij de zee haar grenzen stelde, Dat de wateren haar oevers niet zouden overschrijden; Toen Hij de fundamenten der aarde legde:
De Heilige Schrift, Petrus Canisiusvertaling, 1939
In The King James Version
In Context
28Toen Hij daarboven de wolken bevestigde, En de bronnen van de oceaan begonnen te stromen;
Cross References
Job 38:4Waar waart ge, toen Ik de aarde grondde: Vertel het, zo ge er iets van weet!
Job 38:11Toen Ik sprak: Ge komt tot hier en niet verder, Hier wordt de trots van uw golven gebroken!
Psalms 104:5Gij hebt de aarde op haar pijlers gegrond, Zodat ze voor eeuwig niet wankelt.
Psalms 136:5Die met wijsheid de hemelen schiep: Zijn genade duurt eeuwig!
Jeremiah 5:22Mij wilt ge niet vrezen, zegt Jahweh; Voor mijn aanschijn niet beven? Ik, die de duinen gezet heb als grens voor de zee, Een slagboom voor eeuwig, die ze niet overschrijdt; Al klotsen haar golven, ze blijven onmachtig, Hoe ze ook stormen, ze slaan er niet over.