Psalmen 107:29
Hij bedaarde de storm tot een bries, En de golven legden zich neer;
De Heilige Schrift, Petrus Canisiusvertaling, 1939
In The King James Version
He maketh the storm a calm, so that the waves thereof are still.
In Context
28Maar ze riepen Jahweh aan in hun nood, En Hij verloste hen van hun angsten:
30Wat waren ze blij, toen het kalm was geworden, En Hij hen naar de verbeide haven geleidde!
Cross References
Psalms 65:7Die het bulderen der zeeën bedaart, En het gebruis van haar golven. Ontsteld staan de volken,
Psalms 89:9Gij beheerst de onstuimige zee, En bedaart de bruisende golven;
Matthew 8:26Jesus sprak tot hen: Wat zijt gij bevreesd, kleingelovigen? Toen stond Hij op, gebood de winden en het meer, en er ontstond een grote kalmte.
Luke 8:23en onder de vaart sliep Hij in. Maar een hevige storm brak los op het meer: ze kregen water binnen en liepen gevaar.