Psalmen 115:4
Doch hùn goden zijn maar zilver en goud, Door mensenhanden gemaakt.
De Heilige Schrift, Petrus Canisiusvertaling, 1939
In The King James Version
Their idols are silver and gold, the work of men’s hands.
In Context
3De God van òns is in de hemel, En Hij doet wat Hij wil;
5Ze hebben een mond, maar kunnen niet spreken; Ogen, maar kunnen niet zien;
Cross References
Deuteronomy 4:28Daar zult gij goden kunnen dienen, door mensenhanden gemaakt, hout en steen, die zien noch horen, eten noch ruiken.
1 Kings 18:29Zo ging de middag voorbij; en nog bleven ze razen tot aan de tijd voor het avondoffer; maar er kwam geen geluid en geen antwoord, geen teken van leven.
2 Chronicles 32:19Zij beschimpten den God van Jerusalem op dezelfde wijze als de goden van de andere volkeren der aarde, die het maaksel zijn van mensenhanden.
Psalms 135:15Maar de goden der volken zijn zilver en goud, Door mensenhanden gemaakt:
Isaiah 40:19De gieter giet het afgodsbeeld, De goudsmid beslaat het met goud; Men smeedt er zilveren kettingen aan,
Isaiah 44:9Neen, de beeldenmakers zijn allemaal niets, En hun lievelingsbeelden dienen tot niets. Hùn getuigen kunnen niet zien, Begrijpen niets, tot hun eigen beschaming.