Psalmen 18:20
Toen werd mijn gerechtigheid door Jahweh beloond, Mijn reinheid van handen vergolden:
De Heilige Schrift, Petrus Canisiusvertaling, 1939
In The King James Version
In Context
19Hij beveiligde mij, En bracht mij redding, omdat Hij mij liefhad.
21Want ik had de wegen van Jahweh bewandeld, Niet gezondigd tegen mijn God;
Cross References
1 Samuel 24:11Mijn vader, zie, zie de slip van uw mantel, die ik in mijn hand heb! Ja, de slip van uw mantel heb ik afgesneden, maar u niet gedood. Erken dus, dat ik geen boze of misdadige bedoelingen heb. Ik heb u niets willen doen, terwijl gij het op mijn leven gemunt hebt.
1 Samuel 24:19Want als iemand zijn vijand ontmoet, laat hij hem dan rustig gaan? Daarom zal Jahweh u belonen voor wat gij vandaag aan mij hebt gedaan.
Job 36:16Zo trekt Hij ook u uit de muil van ellende Inplaats daarvan zal het onbekrompen overvloed zijn, En het genot van een dis, met vette spijzen beladen.
Psalms 7:8Als rechter der volken, o Jahweh; Doe mij recht, Jahweh, naar mijn gerechtigheid En naar de onschuld mijns harten.
Psalms 24:4Die rein is van handen, en zuiver van hart; In wiens ziel geen bedrog is, en die geen valse eden zweert.
Psalms 31:9Ach Jahweh, ontferm U over mij, Want het is mij zo bang om het hart; Van verdriet kwijnt mijn oog, Mijn ziel en mijn lichaam.