Psalmen 22:13
Ze sperren hun muil naar mij open Als verscheurende, brullende leeuwen.
De Heilige Schrift, Petrus Canisiusvertaling, 1939
In The King James Version
They gaped upon me with their mouths, as a ravening and a roaring lion.
In Context
12Bonkige stieren staan om mij heen, Buffels van Basjan omsingelen mij;
Cross References
Psalms 7:2Opdat ze mij niet als leeuwen verscheuren, En wegslepen, reddeloos verloren.
Psalms 22:7Al die mij zien, lachen mij uit, Grijnzen, en schudden meewarig het hoofd:
Psalms 35:17Hoe lang nog, o Heer, Zult Gij dit aanzien? Verlos mij toch van hun brullen, Het enige, dat mij nog rest, uit de macht van de leeuwen!
Lamentations 2:16Ze sperren de muil tegen u op Allen, die uw vijanden zijn; Ze grijnzen en knersen de tanden, En schreeuwen: Wij hebben ze vernield! Dit is de dag, waarop wij hadden gehoopt; Wij hebben hem mogen beleven en zien!
Ezekiel 22:27Zijn prinsen zijn er als prooizoekende wolven op uit, om bloed te vergieten, om mensen in het verderf te storten, om zich onrechtmatig te verrijken.
Matthew 26:59De opperpriesters en heel de Hoge Raad zochten naar een valse aanklacht tegen Jesus, om Hem ter dood te brengen.