Psalmen 3:1
Een psalm van David, bij zijn vlucht voor zijn zoon Absalom. Jahweh, hoe talrijk zijn mijn belagers, Hoe talrijk, die tegen mij opstaan;
De Heilige Schrift, Petrus Canisiusvertaling, 1939
In The King James Version
LORD, how are they increased that trouble me! many are they that rise up against me.
In Context
2Hoe velen, die van mij zeggen: Voor hem geen heil bij zijn God!
Cross References
Joshua 11:5En toen al die koningen zich hadden verenigd, gingen ze gezamenlijk hun tenten opslaan bij de wateren van Merom, om Israël te bestrijden.
2 Samuel 15:14gaf David aan heel zijn hof, dat bij hem in Jerusalem was gebleven, het bevel: Vooruit, op de vlucht; er blijft ons geen ander middel over, om aan Absalom te ontkomen. Haast u, om te vertrekken; anders haast hij zich, haalt ons in, laat het onheil op ons los, en sabelt de hele stad neer.
2 Samuel 15:17Maar bij hun vertrek maakten de koning en al het volk, dat hem volgde, halt bij het laatste huis.
2 Samuel 17:11Neen, mijn raad is deze: Laat heel Israël van Dan tot Beër-Sjéba zich rond u verzamelen, zo talrijk als het zand aan de zee, en trek in eigen persoon met hen op.
Matthew 10:21De broer zal zijn broer ter dood overleveren, de vader zijn zoon; en de kinderen zullen opstaan tegen hun ouders, en ze doden.