Psalmen 31:19
Hoe groot is uw goedheid, o Jahweh, Die Gij hebt weggelegd voor hen, die U vrezen, Die Gij bewijst aan wie tot U vluchten, Voor het oog aller mensen.
De Heilige Schrift, Petrus Canisiusvertaling, 1939
In The King James Version
In Context
18Laat de leugenlippen verstommen, Die den gerechte durven tergen Met trots en verachting.
Cross References
Psalms 12:5Om de nood der verdrukten En het kermen der armen Ga Ik opstaan, zegt Jahweh, Om redding te brengen aan wie er naar smacht!
Psalms 23:5Gij bereidt mij een dis Voor het oog van mijn vijand; Met olie zalft Gij mijn hoofd, En mijn beker vloeit over.
Psalms 68:28Toon nu uw almacht, o God, die Gij ons hebt betuigd,
Psalms 73:24Gij leidt mij naar uw raadsbesluit, En herstelt mij in ere!
Psalms 145:7Men zal de roem van uw onmetelijke goedheid verbreiden, En over uw goedertierenheid jubelen:
Isaiah 35:10Die door Jahweh bevrijd zijn, keren er op terug. Zij komen in Sion onder gejubel, Het hoofd met eeuwige vreugde gekroond; Overstelpt van vreugde en blijdschap: Verdwenen zijn kommer en zuchten!