The Bible Software
bible.software › Psalmen › Psalmen 34 › Psalmen 34:21

Psalmen 34:21

De zonde brengt den boze de dood, En wie den rechtvaardige haat, moet het boeten.

De Heilige Schrift, Petrus Canisiusvertaling, 1939

In The King James Version

Evil shall slay the wicked: and they that hate the righteous shall be desolate.

In Context

20Jahweh is voor al zijn beenderen bezorgd, Niet één daarvan wordt gebroken.

22Maar zijn dienaars spaart Jahweh het leven; Wie tot Hem vlucht, zal het nimmer berouwen.

Read all of Psalmen 34

Cross References

Exodus 12:46In een en hetzelfde huis moet het worden opgegeten, en van het vlees moogt ge niets buitenshuis brengen; ook moogt ge de beenderen niet breken.

1 Samuel 19:4Jonatan pleitte dus voor David bij zijn vader Saul, en hij zeide tot hem: Laat de koning zich toch niet bezondigen aan zijn dienaar David! Want hij heeft niets tegen u misdaan, maar integendeel zich voor u zeer verdienstelijk gemaakt.

1 Kings 22:8De koning van Israël antwoordde: Er is nog één man, door wien wij Jahweh kunnen raadplegen. Maar ik heb een hekel aan hem; want hij voorspelt mij nooit iets goeds, altijd maar kwaad. Het is Mikájehoe, de zoon van Jimla. Maar Josafat zei: De koning moet zo iets niet zeggen.

Psalms 20:8Maar zìj storten neer, en blijven liggen, Wij rijzen op en staan vast!

Psalms 37:30De mond van den rechtvaardige verkondigt de wijsheid, En zijn tong spreekt wat recht is.

Psalms 89:23Ik leg zijn vijanden voor hem neer, En sla zijn haters tegen de grond.

This Verse In Other Editions

King James VersionBíblia Portuguesa MundialLuther Bibel (Deutsch)Bible Louis Segond (Français)Библия (Русский)新标点和合本성경 (한국어)الكتاب المقدس باللغة العربية، فان دايكBibbia Diodati (Italiano)Kinh Thánh (Tiếng Việt)Biblia Cornilescu (Română)Polish Biblia Gdanska (1881)Statenvertaling (Nederlands)

Study Psalmen 34:21

Matthew HenryJamieson-Fausset-BrownAdam ClarkeJohn WesleyJohn CalvinKeil and DelitzschCharles SpurgeonScofieldFamily Bible NotesGeneva Bible Notes (1599)
← Psalmen 34:20Psalmen 34Psalmen 34:22 →