Psalmen 44:19
Toch hebt Gij ons naar het oord der jakhalzen verwezen, En ons met de schaduw des doods overdekt.
De Heilige Schrift, Petrus Canisiusvertaling, 1939
In The King James Version
Though thou hast sore broken us in the place of dragons, and covered us with the shadow of death.
In Context
18Ons hart is niet afvallig geworden, Onze schreden dwaalden niet af van uw pad;
20Of, hadden wij de Naam van onzen God soms vergeten, Onze handen naar vreemde goden geheven:
Cross References
Job 10:21Eer ik heenga, vanwaar ik niet terugkom, Naar het land van duisternis en schaduw des doods;
Job 30:29Ik ben een broer van de jakhalzen, Een makker der struisen;
Psalms 38:8Ik ben uitgeput en gebroken, En snik het uit door het gekerm van mijn hart.
Psalms 60:1Voor muziekbegeleiding; op de wijze: “De lelie der wet.” Een punt- en leerdicht van David, toen, na zijn oorlog tegen Aram van Mesopotamië en Aram-Soba, Joab terugkeerde, en in het Zoutdal twaalfduizend Edomieten versloeg. O God, Gij hebt ons verstoten, Onze gelederen verbroken; Gij waart vertoornd, En hebt ons doen vluchten.
Isaiah 27:1Op die dag zal Jahweh bestraffen Met zijn groot, geweldig en machtig zwaard Liwjatan, de vluchtende draak, Liwjatan, de kronkelende slang; Hij zal vermoorden Het monster der zee!
Isaiah 35:7De gloeiende bodem wordt een plas, Het dorre land een fontein. En op de plek, waar de jakhalzen liggen, En de struisvogels wonen, Schiet het riet met de biezen omhoog,