Psalmen 64:7
Daar schiet God zijn pijl op hen af, En de slagen vallen onverwacht op hen neer;
De Heilige Schrift, Petrus Canisiusvertaling, 1939
In The King James Version
But God shall shoot at them with an arrow; suddenly shall they be wounded.
In Context
8Hun eigen tong brengt ze ten val: Wie ze ziet, schudt meewarig het hoofd.
Cross References
Deuteronomy 32:23Ik zal hen overstelpen met rampen, Mijn pijlen verschieten tegen hen;
1 Kings 22:34Intussen richtte iemand op goed geluk af zijn boog, en trof den koning van Israël tussen de voegen van het pantser. Deze beval toen zijn wagenmenner: Wend de teugels, en breng mij van het slagveld; want ik ben gewond.
Job 6:4Ja, de pijlen van den Almachtige blijven in mij steken, Mijn geest zuigt er het gif van op; De verschrikkingen Gods Stellen zich tegen mij in slagorde op!
Psalms 18:14Hij schoot zijn pijlen en strooide ze rond, Slingerde zijn bliksems, en joeg ze uiteen.
Psalms 73:19Hoe zijn ze in een oogwenk vernietigd, Verdwenen, in verschrikkelijke rampen vergaan:
Proverbs 29:1Iemand die hardnekkig blijft, ondanks vermaning, Wordt plotseling onherstelbaar gebroken.