Psalmen 8:6
Gij hebt hem gesteld over het werk uwer handen, En alles aan zijn voeten gelegd:
De Heilige Schrift, Petrus Canisiusvertaling, 1939
In The King James Version
In Context
5Toch hebt Gij hem haast tot een godheid gemaakt, Hem met glorie en luister gekroond.
7Al de schapen en runderen, En de beesten in het wild;
Cross References
Genesis 1:28Toen zegende God ze, en sprak tot hen: Weest vruchtbaar en vermenigvuldigt u; bevolkt de aarde en onderwerpt haar; heerst over de vissen der zee, de vogels in de lucht en over alle levende wezens, die zich op de aarde bewegen.
Psalms 110:1Een psalm van David. Jahweh spreekt tot mijn Heer: “Zet U aan mijn rechterhand, Totdat Ik uw vijanden leg als een voetbank voor uw voeten!”
1 Corinthians 15:24Daarna komt het einde, als Hij het koningschap aan God en den Vader overdraagt, na alle heerschappij en alle macht en kracht te hebben vernietigd.
Hebrews 1:2heeft Hij aan het einde dezer dagen tot ons gesproken door den Zoon, dien Hij gesteld heeft tot erfgenaam van al zijn bezit en door wien Hij de wereld gemaakt heeft.
1 Peter 3:22Hij is opgestegen ten hemel, en is gezeten aan de rechterhand Gods, terwijl engelen en machten en krachten aan Hem zijn onderworpen.