Psalmen 89:39
Het verbond met uw dienaar verbroken, Zijn kroon vertrapt op de grond.
De Heilige Schrift, Petrus Canisiusvertaling, 1939
In The King James Version
In Context
38En nu hebt Gij toch uw Gezalfde versmaad en verstoten, Tegen hem uw gramschap ontstoken;
40Al zijn wallen hebt Gij geslecht, Zijn vestingen in puin gelegd;
Cross References
Psalms 44:10Gij laat ons vluchten voor onze verdrukkers, En onze haters roven ons leeg!
Psalms 74:7Uw heiligdom in brand gestoken, De woonplaats van uw Naam tot de grond toe ontwijd.
Psalms 89:34Mijn verbond zal Ik nimmer verbreken, Nooit veranderen wat Ik eens heb gezegd;
Psalms 116:11Al zou ik in mijn ellende ook zeggen: “Er is geen mens te vertrouwen!”
Isaiah 25:12Zijn steden en hoge wallen gooit Hij omver, Hij stort ze neer, en smijt ze in het stof op de grond!
Lamentations 5:16Gevallen de kroon van ons hoofd: Wee onzer, wij hebben gezondigd!