Psalmen 91:13
Op slang en adder zult gij treden, Leeuwenwelp en draak vertrappen.
De Heilige Schrift, Petrus Canisiusvertaling, 1939
In The King James Version
In Context
12Zij zullen u op de handen dragen, Opdat gij aan geen steen uw voeten zult stoten;
Cross References
1 Samuel 17:37Jahweh, die mij bevrijd heeft uit de klauw van leeuw en beer, Hij zal mij bevrijden uit de hand van dien Filistijn. Nu sprak Saul tot David: Vooruit dan, en moge Jahweh met u zijn.
Psalms 58:4Ze zijn venijnig als giftige adders; Ze stoppen hun oren als dove slangen,
Luke 10:19Zie, Ik heb u de macht gegeven, om op slangen en schorpioenen te trappen, en macht over heel de kracht van den vijand: niets zal u deren.
Romans 3:13Een open graf is hun keel, Ze plegen bedrog met hun tong; Achter hun lippen is adderengif,
2 Timothy 4:17Maar de Heer heeft mij ter zijde gestaan en mij kracht verleend, opdat door mij de prediking haar volle maat zou krijgen, en al de heidenen ze zouden horen; zo werd ik verlost uit de muil van den leeuw.