Ruth 2:1
Nu had Noömi een bloedverwant van de kant van haar man, een vermogend man uit Eliméleks geslacht, Bóoz genaamd.
De Heilige Schrift, Petrus Canisiusvertaling, 1939
In The King James Version
In Context
Cross References
Judges 12:8Na hem was Ibsan uit Betlehem rechter over Israël.
Ruth 3:2Welnu, die Bóoz, die bloedverwant van ons, bij wiens knechten ge zijt geweest, gaat vanavond gerst wannen op het dorsveld.
Ruth 4:21Salmon van Bóoz, Bóoz van Obed,
1 Chronicles 2:10Ram verwekte Amminadab; Amminadab verwekte Naässon, het opperhoofd der Judeërs;
Job 31:25Mij verheugd heb ik in de macht van mijn rijkdom, En in de geweldige winst van mijn hand:
Luke 3:32zoon van Jesse, zoon van Obed, zoon van Boöz, zoon van Salmon, zoon van Naässon,