The Bible Software
bible.software › 2 Kronieken › 2 Kronieken 12 › 2 Kronieken 12:7

2 Kronieken 12:7

Ende doen die Heere sach dat sij verootmoedicht waren, so is dwoort des Heeren ghedaen tot Semeiam, seggende. Om dat sij verootmoedicht sijn, soo en sal ickse niet heel verderuen, ende ick sal hen een luttelken hulpen gheuen, ende mijn rasende gramscap en sal niet druypen op Ierusalem door Sesacs hant,

Leuvense Bijbel 1548

In The King James Version

And when the LORD saw that they humbled themselves, the word of the LORD came to Shemaiah, saying, They have humbled themselves; therefore I will not destroy them, but I will grant them some deliverance; and my wrath shall not be poured out upon Jerusalem by the hand of Shishak.

In Context

6Ende die princen van Israel ende die coninck verslaghen wesende hebben gheseyt. Die Heere is rechtuerdich,

8Maer nochtans sullen sij hem dienen, op dat sij weten moghen dondersceyt van mijnen dienst, ende des diensts van tconincrijck der aerden,

Read all of 2 Kronieken 12

Cross References

Judges 10:15Ende die kinderen van Israhel hebben tot den Heere gheseyt, Wij hebben ghesondicht, doet met ons dat v belieft, alleenlijc wilt ons doch nv verlossen.

1 Kings 21:29En hebdi Achab niet ghesien voor my verootmoedicht, Hierom want hy verootmoedicht is om mijnen wille, soo en sal ick dat quaet binnen sijn daghen niet brengen, maer in sijns soons daghen sal ick dit quaet op sijn huys brenghen.

2 Kings 13:23ende die Heere heeft bermherticheyt ouer hen ghehadt, ende hy is wederom tot hen ghekeert, om sijn verbont dat hi hadde met Abraham, ende Isaac, ende Iacob, ende hy en wildese niet al te niet brenghen, noch gheheel verworpen tot op desen tijt toe,

2 Chronicles 33:12Die welcke (nae dat hy benauwt was) heeft ghebeden den Heere sijnen Godt, ende hy heeft penitencie ghedaen grootelijck voer sijnder vaderen Godt,

2 Chronicles 34:21Gaet henen, ende bidt den Heere voor my, ende voor die ouerbleuene van Israel ende Iuda, van alle die woerden van desen boeck die gheuonden is. Want een groote verbolghentheyt des Heeren heeft op ons ghedropen om dat ons vaders des Heeren woerden niet bewaert en hebben, dat sij doen souden al dat in desen boeck ghescreuen is.

This Verse In Other Editions

King James VersionBíblia Portuguesa MundialLuther Bibel (Deutsch)Bible Louis Segond (Français)Библия (Русский)新标点和合本성경 (한국어)الكتاب المقدس باللغة العربية، فان دايكBibbia Diodati (Italiano)Kinh Thánh (Tiếng Việt)Biblia Cornilescu (Română)Polish Biblia Gdanska (1881)Statenvertaling (Nederlands)

Study 2 Kronieken 12:7

Matthew HenryJamieson-Fausset-BrownAdam ClarkeJohn WesleyJohn CalvinKeil and DelitzschScofieldFamily Bible NotesGeneva Bible Notes (1599)
← 2 Kronieken 12:62 Kronieken 122 Kronieken 12:8 →