2 Kronieken 28:27
Ende Achaz is met sijnen vaderen ontslapen, ende sij hebben hem begrauen in die stadt Ierusalem, want sij en hebben hem niet ontfanghen in die grauen der coninghen van Israel, ende Ezechias sijn sone heeft voor hem gheregneert.
Leuvense Bijbel 1548
In The King James Version
In Context
Cross References
2 Chronicles 21:20Tweendertich iaren out was hy doen begonste te regneren, ende acht iaren heeft hy in Ierusalem gheregneert, Ende hy heeft ghewandelt niet rechtelijck, ende sij hebben hem begrauen in Dauids stadt, Maer nochtans niet inder coninghen begrauenisse.
2 Chronicles 26:23Ende Ozias is ontslapen met sijnen vaderen, ende sij hebben hem begrauen inden acker der coninclijcker grauen, om dat hy melaetsch was, ende Ioatham sijn sone heeft voor hem gheregneert.
2 Chronicles 33:20Aldus is Manasses ontslapen met sijnen vaderen, ende sij hebben hem begrauen in sijn huys, ende sijn sone Amon heeft voor hem gheregneert.
Isaiah 14:28Int iaer doen die coninck Achaz ghestroruen is, soe is desen last ghesciedt.