The Bible Software
bible.software › 2 Koningen › 2 Koningen 13 › 2 Koningen 13:8

2 Koningen 13:8

Dander woorden van Ioachaz die daer meer sijn, ende alle dat hy ghedaen heeft, ende sijn sterckheyt, en sijn dese niet ghescreuen int boeck der woorden van die daghen der coninghen van Israel?

Leuvense Bijbel 1548

In The King James Version

Now the rest of the acts of Jehoahaz, and all that he did, and his might, are they not written in the book of the chronicles of the kings of Israel?

In Context

7Ende Ioachaz den coninc en sijn vanden volcke niet meer ouerbleuen dan vijftich ruyters te peerde, ende thien waghenen, ende thien duysent voetknechten, want die coninck van Sirien had dese al ghedoodt, ende hi hadde die ghemaect als het puluer int dorschen vanden dorschuloer,

9Ende Ioachaz is met sijnen vaderen ontslapen, ende sij hebben hem begrauen in Samarien, ende Ioas sijn sone heeft voor hem gheregneert

Read all of 2 Koningen 13

Cross References

1 Kings 11:4Ende als hy nv out was, doen is sijn herte verarghert door die vrouwen, dat hy volchde die vreemde goden, ende sijn herte en was niet volcomen met den Heere sijnen Godt, ghelijck Dauid sijns vaders herte.

1 Kings 14:29Maer dander van Roboams woorden, ende alle dat hy ghedaen heeft, siet die sijn ghescreuen int boeck der woorden van die daghen der coninghen van Iuda.

2 Kings 1:18Maer datter meer is van die woorden van Ochozia die hy ghedaen heeft, en sijn dese niet ghescreuen int boeck der woorden van die daghen der Coninghen van Israel?

This Verse In Other Editions

King James VersionBíblia Portuguesa MundialLuther Bibel (Deutsch)Bible Louis Segond (Français)Библия (Русский)新标点和合本성경 (한국어)الكتاب المقدس باللغة العربية، فان دايكBibbia Diodati (Italiano)Kinh Thánh (Tiếng Việt)Biblia Cornilescu (Română)Polish Biblia Gdanska (1881)Statenvertaling (Nederlands)

Study 2 Koningen 13:8

Matthew HenryJamieson-Fausset-BrownAdam ClarkeJohn WesleyJohn CalvinKeil and DelitzschScofieldFamily Bible NotesGeneva Bible Notes (1599)
← 2 Koningen 13:72 Koningen 132 Koningen 13:9 →